Zijn prediking » Overdenkingen » 22 januari


“Want God was in Christus de wereld met Zichzelf verzoenende, hun zonden hun niet toerekenende; en heeft het Woord der verzoening in ons gelegd”.
(2 Korinthe 5:19)

Er is een Woord der verzoening, er is een prediking der verzoening en er is een dienst der verzoening, en dáár moet het heen. Christus is dáár, Christus is in het Woord. ’k Weet niet of u wel de rechte opvatting aangaande de dienst der verzoening hebt. Eerst was er de verkiezing en daarna is er verzoening teweeggebracht en toen heeft God de dienst des Woords gegeven. En wat is Zijn oogmerk daarmee? Christus aan te bieden, te prediken. Christus wordt in de prediking gevonden. Hiertoe heeft God de dienst des Woords ingesteld en zo vinden we in ons teksthoofdstuk (vs. 20): “Zo zijn wij dan gezanten van Christuswege, alsof God door ons bade; wij bidden van Christuswege: Laat u met God verzoenen”. Door middel van de dienst van het Woord biedt de Heere Zichzelf aan de wereld aan. ’k Weet niet of u dit gelooft en of u dit ooit hebt gezien, maar wat zal dat voor de wereld zijn, wanneer zij straks zal gewaarworden dat God Zichzelf door middel van de prediking der verzoening aan haar heeft aangeboden en zij Hem heeft afgewezen. De afwijzing van de aanbieding der verzoening zal de grond van de veroordeling der wereld zijn. Niet alleen, niet in de eerste plaats de val in Adam, maar de afwijzing van de aangeboden verzoening zal voornamelijk de oorzaak zijn van de veroordeling der wereld. Daarom zegt de apostel, dat de wereld geoordeeld zal worden naar zijn Evangelie (Rom. 2:16).

Staat er naar licht te verkrijgen in het Woord. We kunnen denken dat als we Gods Woord lezen, we het verstaan. Neen. We kunnen de Schrift niet verstaan voordat we Christus aanschouwen. Denk aan de vraag van Filippus aan de kamerling: “Verstaat gij ook hetgeen gij leest? En hij zeide: Hoe zou ik toch kunnen, zo mij niet iemand onderricht?” (Hand. 8:30-31). Er is niemand die het Woord verstaat, tenzij de Heilige Geest hem Christus predikt. Wanneer de Heilige Geest ons Christus in het Woord heeft doen zien, dán vinden wij in het Woord de gerechtigheid van de Persoon van Christus.

(Uit: Overdenkingen, 22 januari. Preek over 2 Korinthe 5:19, 8 maart 1928 te Rotterdam. Bundel 1967-’69, blz. 242-243.)